Afgelopen zaterdag gingen leden van AFA met de NVU op de vuist. Dat is natuurlijk heel logisch. Als je het niet met elkaar eens kan worden, is een onderling duel natuurlijk het meest geschikt om uit te maken wie het gelijk aan zijde heeft. Links fascisme tegen rechts fascisme dus, waarbij mijn definitie van fascisme de volgende is: mensen wier fanatisme onevenredig is aan hun gevoel van humor en zelfrelativering. Niet echt politicologisch, maar toch.
Je treft ze dus aan bij links, rechts, godsdiensten, milieuclubjes of voetbalclubjes. Het is een gesteldheid, eerder dan een systeem, zoals Godfried Bomans al eens constateerde.
Iemand die het fascisme eens op meesterlijke wijze weerlegde is wijlen Simon Carmiggelt, één van de grootste Nederlandse schrijvers ooit.
Hij wordt ter gelegenheid van zijn 65ste verjaardag, geïnterviewd voor de VARA-televisie door Koos Postema. Laatstgenoemde stelt hem een vraag en Carmiggelt vertelt dan op een kurkdroge manier hoe hij als journalist het fascisme ervaren heeft.
Maak u borst nat voor één van de beste fragmenten die ik zelf in mijn leven heb gezien. Sinds 2005 heb ik niet zo moeten lachen, gejankt bijna. De eerste keer heb ik het drie keer achter elkaar gezien, inmiddels weer een aantal maal en iedere keer wordt het eigenlijk nog geestiger. Mocht u op dit tijdstip op kantoor zitten, wacht dan nog even voor wanneer u thuis bent. Het is gewoon te mooi om het even haastig te zien.
Waarschuw alvast mensen om u heen dat u het de komende 10 minuten niet droog zult houden.
En heel veel dank de persoon die het allemaal, samen met andere vele andere video’s, online heeft gezet.
Aanvulling Clark Kent
Hallo Lodewijk,
Ik heb een suggestie voor jouw definitie van fascisten : mensen wier fanatisme onevenredig is aan hun gevoel van humor en zelfrelativering.
Mensen wier fanatisme omgekeerd evenredig is aan hun gevoel voor humor en zelfrelativering. Hoe minder zelfrelativering en gevoel voor humor, hoe fanatieker.
Groeten,
Clark
